Vanoers.nlBelastingadviesGeen overdrachtsbelasting bij herstructurering van vennootschappen met vastgoed? Europees Hof zet de deur open

Geen overdrachtsbelasting bij herstructurering van vennootschappen met vastgoed? Europees Hof zet de deur open 

Op 4 juni 2026 heeft het Europese Hof (HvJ EU) een opvallende uitspraak gedaan over de heffing van overdrachtsbelasting bij herstructureringen van vennootschappen met onroerend goed (zogenaamde vastgoedvennootschappen). Volgens het Hof is de Portugese belastingheffing in strijd met de Europese Kapitaalrichtlijn. Deze uitspraak kan mogelijk ook gevolgen hebben voor de Nederlandse praktijk.

De casus

De zaak betreft Nova Iberomoldes, een naar Portugees recht opgerichte kapitaalvennootschap. Bij de oprichting werd het maatschappelijk kapitaal volgestort door middel van de inbreng van onder andere deelnemingen in vastgoedvennootschappen. Als tegenprestatie ontving de inbrengende vennootschap alle aandelen in Nova Iberomoldes.

De Portugese Belastingdienst stelde zich op het standpunt dat sprake was van een belastbare verkrijging en legde een naheffingsaanslag IMT (Portugese overdrachtsbelasting) op. Daarbij werd aangesloten bij een nationale bepaling op basis waarvan onder bepaalde omstandigheden IMT is verschuldigd wegens de verkrijging van aandelen in vastgoedvennootschappen.

Oordeel Europese Hof (HvJ EU)

Het HvJ EU oordeelde dat deze heffing in strijd is met Richtlijn 2008/7/EG, beter bekend als de Kapitaalrichtlijn.

De Kapitaalrichtlijn heeft tot doel belemmeringen voor het bijeenbrengen van kapitaal binnen de Europese Unie weg te nemen. Daarom bepaalt artikel 5 van de richtlijn dat lidstaten bij bepaalde kapitaaltransacties en herstructureringen geen indirecte belastingen mogen heffen. Volgens het Hof valt de Portugese naheffingsaanslag in deze zaak onder het verbod van de richtlijn.

Gevolgen voor de praktijk

De uitspraak roept interessante vragen op voor de Nederlandse praktijk.

Uit het arrest volgt namelijk dat indirecte belastingheffing op aandelenoverdrachten in vastgoedvennootschappen bij een kapitaalinbreng of herstructurering, zoals omschreven in de Kapitaalrichtlijn, in principe achterwege moet blijven. Heffing van Nederlandse overdrachtsbelasting wegens aandelenvastgoedtransacties zou dan met een beroep op de Kapitaalrichtlijn achterwege moeten blijven. Mogelijk kan deze uitspraak ook gevolgen hebben voor de omzetbelasting, hetgeen immers ook een indirecte belastingheffing is. Uiteraard is dit slechts relevant voor zover transacties op zichzelf belastbaar/niet-vrijgesteld zijn. Indien een specifieke overdrachtsbelastingvrijstelling van toepassing is of een transactie is aan te merken als een overgang van een algemeenheid van goederen (artikel 37d Wet OB 1968) is een beroep op de Kapitaalrichtlijn in zoverre niet noodzakelijk.

Wat betekent dit voor uw organisatie?

Hoewel het arrest interessante aanknopingspunten biedt voor ondernemingen die te maken hebben met herstructureringen en/of kapitaalinbreng waarbij vastgoedvennootschappen zijn betrokken, blijft veel afhankelijk van de concrete feiten en omstandigheden. Bovendien zal moeten blijken hoe de Nederlandse wetgever, Belastingdienst en rechterlijke macht deze uitspraak gaan toepassen.

Het is zodoende raadzaam om in dergelijke situaties tijdig fiscaal advies in te winnen. Een juiste beoordeling vooraf kan niet alleen fiscale risico’s beperken, maar ook kansen blootleggen.

Meer informatie

Heeft u vragen naar aanleiding van dit artikel? Neem dan gerust vrijblijvend contact op met onze specialisten. U kunt contact opnemen via onderstaande button of per mail: btwadviesgroep@vanoers.nl.

Jodie Bosman Jansen
Belastingadviseur
Jodie Bosman Jansen
Nu delen:

Oeps! We konden je formulier niet vinden.

Jodie Bosman Jansen
Jodie Bosman Jansen | Belastingadviseur
Wilt u meer informatie over dit onderwerp?
Neem contact op met onze specialisten via onderstaand telefoonnummer of e-mailadres. Zij helpen u graag verder!