Vanoers.nlHR SolutionsBedrag algemene heffingskorting is vanaf aangifte IB 2025 afhankelijk van verzamelinkomen

Bedrag algemene heffingskorting is vanaf aangifte IB 2025 afhankelijk van verzamelinkomen 

bedrag algmene heffingskorting vanaf 2025 afhankelijk van verzamelinkomen

De hoogte van de algemene heffingskorting is sinds 2025 niet meer afhankelijk van het inkomen uit werk en woning (het inkomen in box 1) maar van het verzamelinkomen (het inkomen in box 1, box 2 en box 3 samen). Bij het doen van aangifte inkomstenbelasting kan er hierdoor mogelijk een verschil zijn tussen de algemene heffingskorting waarmee de werkgever rekening heeft gehouden en de berekening van de heffingskorting in de aangifte inkomstenbelasting.

Loonheffingskorting

Als werkgever houdt u bij de verloning van uw werknemers rekening met het al dan niet toepassen van de loonheffingskorting. De werknemer moet zelf aangeven of de loonheffingskorting toegepast moet worden, bijvoorbeeld met het ‘Model opgaaf gegevens voor de loonheffingen’. De loonheffingskorting mag maar bij 1 werkgever of uitkeringsinstantie toegepast worden. Door het toepassen van de loonheffingskorting wordt er minder belasting ingehouden op het inkomen. De hoogte van de korting is afhankelijk van het inkomen en hiermee wordt rekening gehouden in de loonbelastingtabellen. De loonheffing is een voorheffing op de inkomstenbelasting. In de aangifte inkomstenbelasting van uw werknemer worden (na afloop van het jaar) alle inkomsten bij elkaar opgeteld, waardoor er afbouw van heffingskortingen (soms wel tot € 0) kan plaatsvinden. Ook kan (een deel van) het loon in een andere tariefschijf vallen. Dan moet de werknemer vaak bijbetalen. Als de werknemer bij u geen loonheffingskorting laat verrekenen houdt u meer in aan loonbelasting/premie volksverzekeringen. Daardoor wordt de latere bijbetaling via de aangifte inkomstenbelasting lager. Of kan de werknemer bij het doen van aangifte inkomstenbelasting een teruggaaf krijgen.

Gevolgen voor werknemers

Vanaf de aangifte inkomstenbelasting over het jaar 2025 wordt de afbouw van de algemene heffingskorting niet alleen meer over het inkomen in box 1 (werk en woning) berekend, maar over het verzamelinkomen. Dat betekent dat uw werknemer of uitkeringsgerechtigde die ook inkomsten in box 2 (inkomen uit aanmerkelijk belang) of box 3 (inkomen uit sparen en beleggen) heeft, via de aangifte inkomstenbelasting extra afbouw krijgt en daardoor mogelijk moet bijbetalen. Als werkgever kunt u uw werknemers hierover inlichten.

Belastingplichtigen met een laag of geen inkomen uit werk en woning (box 1) en daarnaast een voldoende hoog inkomen uit aanmerkelijk belang (box 2) of sparen en beleggen (box 3) gaan door deze maatregel meer belasting betalen. Belastingplichtigen met een inkomen in box 1 boven de circa € 77.000 (in 2025) worden door de maatregel niet geraakt omdat de algemene heffingskorting voor hen al nihil is.

Meer informatie

Heeft u te maken met een medewerker die onvoldoende functioneert of spelen er andere arbeidsrechtelijke vragen in dit traject? Neem dan gerust contact op met een van onze arbeidsrechtjuristen via onderstaande button of per mail: hrsolutions@vanoers.nl.

Angela Veraart
Senior belastingadviseur
Angela Veraart
Nu delen:

Oeps! We konden je formulier niet vinden.

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws

Altijd up-to-date blijven met Van Oers

Schrijf u meteen in voor de Van Oers nieuwsbrief.
Schrijf u in
  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.
David van Nassau
David van Nassau | Manager juridisch advies
Wilt u meer informatie over dit onderwerp?
Vul het contactformulier in of laat een terugbelverzoek achter.